Vloeibaar wasmiddel in de wasmachine: zo gebruik je het goed

Vloeibaar wasmiddel in de wasmachine gaat in het middelste of linker vakje van het wasmiddellade, afhankelijk van de machine. Dat is het vakje voor het hoofdwasmiddel, meestal aangeduid met een II of een streepje. Gebruik je een vloeibare capsule? Dan gooi je die direct in de trommel, niet in de lade.

Er zijn wel wat valkuilen bij vloeibaar wasmiddel die je niet hebt bij waspoeder. Hieronder lees je precies waar je op moet letten.

In welk vakje gaat vloeibaar wasmiddel?

De wasmiddellade van de meeste machines heeft drie vakjes. Vakje I is voor voorwas, vakje II (of het middelste, grootste vakje) is voor het hoofdwasmiddel, en het derde vakje (vaak een bloem- of sterbloem-symbool) is voor de wasverzachter. Vloeibaar wasmiddel doe je in vakje II.

Let op: bij sommige machines loopt vloeibaar wasmiddel sneller weg dan waspoeder. Als het wasmiddel al wegsijpelt voordat de hoofdwasfase begint, spoelt het te vroeg weg en wast je was minder goed. Dit is een bekende valkuil van vloeibaar wasmiddel in de lade. Controleer daarom of jouw machine een speciale inzetstukje voor vloeibaar wasmiddel heeft. Veel fabrikanten leveren zo’n schaaltje mee dat je in vakje II plaatst om weglopen te voorkomen.

Hoeveel vloeibaar wasmiddel gebruik je?

Gebruik de hoeveelheid die op de verpakking staat. Dat verschilt per merk en per vervuilingsgraad, maar liggen doorgaans tussen de 35 en 75 ml per wasbeurt. De doseerdop van de meeste flessen heeft maatstreepjes: gebruik die, en schenk niet “op gevoel” in. Te veel wasmiddel zorgt voor schuimvorming en kan residu achterlaten in de was en in de machine zelf.

Heb je zacht water (wat in grote delen van Nederland voorkomt), dan heb je in de meeste gevallen minder nodig dan de maximale dosering op de verpakking. Hardheid van het water in jouw regio kun je opvragen bij je drinkwaterbedrijf.

Vloeibaar wasmiddel direct in de trommel

Een andere optie is vloeibaar wasmiddel direct in de trommel doen, vóór je de was erin gooit. Sommige fabrikanten raden dit aan omdat het wasmiddel dan beter in contact komt met de was. Je voorkomt zo het probleem van vroeg wegspoelen via de lade. Leg de kleding er daarna bovenop, en start het programma zoals normaal.

Dit werkt goed bij een normaal of vol trommelniveau. Bij een bijna lege trommel kan de dosering juist te geconcentreerd zijn op een klein deel van de was. Houd daar rekening mee.

Vloeibare capsule: rechtstreeks in de trommel

Vloeibare wasmiddelcapsules (zoals pods of pacs) zijn zakjes met vloeibaar wasmiddel in een wateroplosbaar omhulsel. Deze gooi je altijd direct in de lege trommel, nooit in de lade. In de lade lost de folie te vroeg op, waardoor het wasmiddel al verdwijnt voor de hoofdwasfase start. Doe de was er daarna in en start het programma.

Raak de capsule niet aan met natte handen: dan begint de folie al op te lossen. Bewaar ze ook uit de buurt van kinderen, want de geconcentreerde vloeistof erin is gevaarlijk bij inslikken.

Valkuilen bij vloeibaar wasmiddel in de wasmachine

  • Te vroeg wegspoelen: vloeibaar wasmiddel in vakje II kan weglopen naar de voorspoelfase als de lade niet goed afsluit of als je geen inzetstukje gebruikt.
  • Te hoog doseren: meer wasmiddel maakt de was niet schoner. Overmatig schuim kan de machine belasten en residu achterlaten.
  • Verkeerde plek capsule: een capsule hoort in de trommel, niet in de lade.
  • Vervuilde lade: vloeibaar wasmiddel laat vaker een plakkerige laag achter in de lade dan poeder. Spoel de lade regelmatig (eens per maand) af met warm water.

Kort samengevat: vloeibaar wasmiddel in de wasmachine doe je in vakje II van de lade, of direct in de trommel vóór de was. Gebruik de doseerdop, kijk of jouw machine een inzetstukje heeft voor vloeibaar middel, en spoel de lade af en toe schoon. Dan werkt het prima.